“En die ouwe Sint-Jan, die kan er wat van….”

Vrijdagmiddag 1.55 uur, we zitten in de trein naar Venlo. We moesten rennen, want we kwamen net aangelopen op Station Den Bosch CS.

Om een uur twaalf, half één kwamen we aan bij de Kathedraal Sint-Jan, het eindpunt van onze Pelgrimstocht naar Sint-Jabik in Fryslân deze week.

We hadden het getroffen bij de Vrienden van de Fiets in Haaren, ontzettend leuke mensen, een heerlijk bed, warm eten gisteren en een ontbijt vanmorgen.

Omdat hun huis nogal uit de buurt van de route van het Pelgrimspad lag, zijn we vanmorgen onze eigen route gelopen. We liepen door het dorp Helvoirt, wat trouwens veel mooier was dan Haaren.

Bij een afgraving, genaamd “De IJzeren Man”, kwamen we weer op de route. Het is een soort recreatiegebied, trimbaan, speeltuin, restaurants, echt van alles daar. In een restaurant dronken we onze dagelijkse bak latte-machiatto en thee, ik bestelde ook nog een stuk wortelengebak. Mmm, heerlijk! Van dat gewandel krijg je toch wel flinke trek….

Op de borden was het niet ver meer naar Den Bosch, maar de Organisatie heeft liever dat Pelgrims flink afzien, dus werden we het bos nog ingeleid.

Het leek net of we weer terugliepen, gelukkig was dit niet het geval. We kwamen vlak langs Kamp-Vught. Ik ben daar eens geweest. Ik was toen als vrijwilliger meegegaan toen ze met de school, waar mijn dochter Iza op zat, daar een excursie hadden.

Ik vond alles wat ze daar vertelden over de Tweede Wereldoorlog zo heftig, zo cru, dat ik er ‘s avonds slecht van thuiskwam. Ik zat me af te vragen of het niet té heftig zou zijn voor die kinderen zoals Iza. Ik geloof dat ze toen een jaar of negen of tien was.

We hebben het erover, Ans denkt dat als je ouder bent het misschien meer indruk maakt. Dat dat soort informatie bij kinderen niet zo blijft hangen…? Het kan dat de menselijke geest zo werkt, ik heb inderdaad als kind genoeg verhalen gehoord over de oorlog, over concentratiekampen. En daar nooit zo last van gehad..

Misschien dat ik nu mijn kinderen wil beschermen voor te gruwelijke dingen uit WO-2?

Het binnenkomen in Den Bosch is gewoon een feest, dit in vergelijking met de binnenkomst in veel andere steden. We komen gewoon ergens bij een oude kazerne binnen, de Isabella-Kazerne, waar nu allemaal bedrijfjes gevestigd zijn. Dan komen we bij een spoorlijn, waar een heel hoge wandel-en fietsbrug overheen gaat.

Over een gewone straat met huizen lopen we verder de stad in. Dus niet door lelijke industriegebieden, zoals on veel andere steden. Via een soort Bolwerk, waar ook nog oude kanonnen staan, lopen we verder de stad in.

Om ongeveer half een zijn er bij de Sint-Jan. Als we daar binnenkomen is er een Mis bezig. Ans gaat even rusten op een stoeltje, ik kijk nog wat rond en maak wat foto’s zoals gewoonlijk..

Bij de koster kunnen we nog een stempel halen, omdat het de ouwe Sint-Jan is, vraag ik hem ook die andere Credential nog te stempelen, die van Chemin ‘d Assise en die van als we nog eens van Vezelay naar Santiago de Compostela willen lopen… de koster vind het allemaal best: “Al zou je het vragen voor heel het dorp waar je woont…”

We eten in het restaurant tegenover de Kathedraal nog een lekkere warme kop soep en slenteren door de Bosch binnenstad richting Station.

Weer een heerlijke wandelweek! Volgende keer waarschijnlijk geen Pelgrimspad, maar het Mariekenpad richting Nijmegen. En vandaar weer verder richting Wad.

Het gaat sneller als ik dacht, in 10 dagen zijn we al in Den Bosch. En we kunnen al gauw aan dat traject Den Bosch naar Nijmegen beginnen. Hopelijk is het dan wat warmer!

Door de regen door de Kampina

Vanmorgen kregen we een heerlijk ontbijt bij Riny en Cor, we konden zelfs lunchpakketten meenemen. We waren op het adres gekomen door Airbnb, maar het bleek dat Riny ook bij Vrienden van de Fiets stond ingeschreven. En ze was zelf ook een wandelaarster, ze had ook stukken van het Pelgrimspad gelopen en ze was sinds kort met Cor bezig met het Pieterpad.

Ze wilde niks weten van extra betalen voor het lunchpakket. Om een uur of negen liepen we Middelbeers uit.

Het regende, Ans met de paraplu op en ik met mijn regenjack. Niet fijn om zo te lopen, door de paraplu en capuchon ben je toch wat afgesloten van de buitenwereld en ook van elkaar.

Het regende, het was grijs en wat mistig. Ierse taferelen voor ons, we hadden beiden dezelfde associatie, druilerig door de regen lopen. Vorig jaar in Ierland waren we dat na twee weken poepzat.

De route ging over een landgoed, verschillende keren kwamen we vandaag het riviertje de Beerze tegen, die prachtig door het Brabantse land slingert.

Op een gegeven moment kwamen we bij een Kapel, de Kapel van de Heilige Eik, een Mariakapel met een mooi verhaal. Lees onderstaande ANWB-tekst maar eens:

Weer zo’n prachtig verhaal, het Kapelletje wordt druk bezocht, het schijnt dat pasgetrouwde bruidjes er hun bruidsboeket neerleggen en ook bloemen van begrafenissen worden er voor Maria neergelegd.

Het was dan ook een bloemenpracht toen wij vanmorgen daar kwamen. We staken wat kaarsjes op voor deze en gene en zaten tijdje te kijken naar een vrolijk vogeltje wat er rondvloog en zelfs op een schilderijlijst ging zitten. Ik zei tegen Ans: “Dat is vast ús mem!” Op een of andere manier associeer ik Maria vaak met ús mem, mijn moeder. Of het komt omdat ze ook geboren is in de meimaand…??

We liepen verder en passeerden de A58. Al gauw kwamen we in een dorpje, Spoordonk. Er stond een vrij nieuwe kerk, in beetje jaren-30-stijl. Eigenlijk wel mooi, beetje strak, zakelijk. Maar met hele mooie cijfers op de klok.

Toen we het dorp uitliepen kwamen we langs een watermolen. Er stapten net allemaal kinderen uit verschillende auto’s, ze kregen een rondleiding in de molen van de molenaar. Een leuk uitje!

Wij zochten de rust op en dronken in het supermoderne restaurant er naast een kop Latte Machiato en een kop thee. Lekker opwarmen…

Ik had ondertussen nog contact met een meisje, Jolanda, die ik zondag had ontmoet op De Pelgrimsmis in Roermond. Ze zou vandaag vertrekken uit Den Bosch richting Santiago en misschien zouden we elkaar nog treffen. Helaas liepen we elkaar net mis. Nou: Buen Camino!

De reis ging verder langs de Beerze, het was modderig overal, maar een geweldige mooie wandelomgeving.

Zo kwamen we terecht bij een groot natuurgebied, de Meijerij, de Kamping is daar een onderdeel van, een enorm heidegebied met vennetjes, prachtig!

Echt nooit geweten dat Brabant zo mooi is!

Al vroeg waren we in Haaren, waar we nog wat dronken in een restaurant en ik een stempel haalde in het Gemeentehuis.. Om vier uur kwamen we aan bij ons slaapadres bij Vrienden van de Fiets, weer een prachtige plek! Wel een heel stuk van de route, maar de gastheer legde ons een mooie route uit hoe we morgen via Helvoirt en de IJzeren Man weer terug komen op de Pelgrimsroute.

Morgen is de tiende wandeldag: dan komen we aan in Den Bosch. Morgen eten we een Bosche Bol!

Zeven zaligheden voorbij

Zeven zaligheden, dat zijn geloof ik zeven dorpjes, ik heb nog een achtste zaligheid. Maar dat die hou ik liever voor mezelf…..

Vanmorgen eerst in Helden gestemd voor de Gemeenteraadsverkiezing en het Referendum ingevuld over de Sleepwet. Nou, als je het wil weten: GroenLinks/PvdA en tegen die wet, die onze privacy bedreigd.

Vandaag doen we alles anders, we gaan met openbaar vervoer naar plaats van vertrek, d. w. z. met de auto naar Station Sevenum, met de NS naar Eindhoven CS en met de bus naar Steensel.

Om een uur of tien zijn we op de plaats van bestemming. Ik heb een iets grotere en zwaardere rugzak, omdat we twee nachten ergens anders verblijven. Dus slaap- en toiletspullen mee en wat extra kleding.

We stappen uit de bus tegenover het Hotel waar we gisteren de auto hebben geparkeerd. Het ligt aan de route van het Pelgrimspad, dus we zijn zo vertrokken.

Net buiten het dorp is een kapel, het blijkt dat deze nog best nieuw is, mooi. Alleen de Maria is niet zoals we die gewend zijn, het lijkt een zelfgemaakt beeld, we vinden het allebei niet mooi. Wel de glas-in-loodramen, die zijn mooi.

We wandelen door en gaan de A67 over, de weg van Eindhoven richting België. Het weer is nog wat grijs, er is veel bewolking. Maar het is droog!

Vandaag is de route weer fijn afwisselend, we komen door verschillende dorpjes, landschappen, bos en heide, de Kempen. Steensel, Knegsel, Halfmijl, Vessem, Middelbeers. En wandelen over kleine weggetjes, paden.

Net voor Knegsel staat een beeld en zie je de fundamenten van een kerk, het blijkt dat de Fransen in de 17e eeuw Knegsel compleet hebben afgebrand, ter nagedachtenis hebben ze het fundament als monument laten staan met het beeld van Christus erop.

Ergens voor Halfmijl komen we een bordje tegen met in gotische letters: Grafheuvels. We gaan even kijken.

Op het veldje of bosje waar we kijken zijn er drie grafheuvels uit de bronstijd, dit is 1300 voor Christus!

De eerste Brabanders? Het bordje verteld er niet over..

Wel dat het paalkransheuvels zijn. Met gepaste eerbied bekijken we de dodenheuvels en verlaten het préhistorische kerkhof. Ondertussen fantaserend over die Brabanders die toen hier rondliepen…

Nog geen Pelgrimspad toen, waarschijnlijk vereerden ze nog de goden bij de Heilige eik: Wodan, Freya . De kerstening moest nog beginnen, dat duurde nog zo’n 1700 of 1800 jaar.

Maar nu eerst weer terug naar 21 maart 2018, want dat is het vandaag. We zijn nog steeds onderweg naar Middelbeers. Na wat landweggetjes en wandelen door het bos komen we aan in Vessem. Daar wil I,, k graag naar het Pelgrimshuis Kafernaüm, omdat ik daar in voorbereiding op mijn Reis naar Santiago de Compostela verschillende keren ben geweest, ook na afloop heb ik er een weekend doorgebracht met andere pelgrims.

We komen aan en ik bel aan, er zijn twee hospitaleros, vrijwilligers. We mogen onze boterhammen daar opeten en drinken nog een kop koffie met de dame en heer. Vanmorgen waren er nog drie pelgrims vertellen ze. We zijn ze niet tegengekomen, de meeste Santiago-pelgrims gaan via Vessem naar Postel en zo verder België in.

We krijgen nog een mooie stempel on het Camino-Aan-Het-Wad-paspoort en kletsen nog wat. Ondertussen komt er een fiets-pelgrim zijn eerste stempel halen. Hij vertrekt in april.

We nemen afscheid van de twee vrijwilligers en lopen over prachtige weggetjes en over de heide richting Middelbeers.

Een heel mooie omgeving: heidevelden, vennetjes. Wel veel pijpestrootjes , gras wat de heide overwoekerd. Volgens ons wordt het tijd dat de herder met zijn schapen eens langskomt. We fantaseren door, dat wij dit wel willen. Ans en Andries, schaapherder in Middel- of Westelbeers. Toevallig begon hun 25-jarige verkering ook in diezelfde plaats.

Kijk ze daar eens lopen achter hun schaapjes aan….

Genoeg gefantaseerd. Om een uur of vier kwamen we aan bij onze slaapplek, besteld via Airbnb.

De gastvrouw is zelf ook een wandelaars ter en is nog bezig met Pieterpad en heeft ook stuk van Pelgrimspad in Nederland en België gelopen. Ze wil ooit nog richting Italië wandelen, omdat haar dochter in Genua woont en dan wil ze nog verder richting Rome….

Een heerlijke plek, Ans haalt nu wat eten, ik schrijf mijn blog. Straks eten, dan naar bed. Morgen weer een wandeldag, richting Haaren.

Wel even controleren vanavond wie de verkiezingen gewonnen hebben……en of die stomme Sleepwet er niet door is gegaan…

Spannend hoor, we hopen en bidden dat rechts een flinke opdonder krijgt en dat die anti-privacywet er niet doorkomt. Oant moarn!

Brabantse dagen zijn ook lang als je verkeerd loopt

Vandaag liepen we weer een etappe van het Pelgrimspad richting Sint-Jacobi-Parochie, in het kader van de Camino Santiago Aan Het Wad.

We zetten onze auto neer op de plaats waar we ‘s middags hopen aan te komen, Steensel. Omdat het nogal ingewikkeld is met openbaar vervoer naar de vertrekplaats Heeze te gaan, hebben we mijn zoon Frank gevraagd of hij ons naar Heeze wil brengen.

En zoals een goede zoon betaamd doet hij dit natuurlijk graag…

Om een uur of tien zet hij ons af bij Station Heeze, waar we direct de route kunnen volgen.

Al gauw genoeg zijn we weer in het bos, het is weer stralend blauw en het lentezonnetje lijkt steeds krachtiger te worden. De wind is nog wel wat koud, maar daar kan je je op kleden.

Het is prachtig in de bossen en het pad slingert er door heen. Het is vandaag een afwisselende dag. Niet alken bos en hei, maar ook wandelen over mooie landweggetjes met bomen aan de kant en mooie uitzichten. Vooral met die strakblauwe luchten is het prachtig oom zo om je heen te kunnen kijken.

Vlak nadat we de A2 passeren komen we eenleuk café tegen, waar we een kop koffie en thee drinken. “De Hut van Mie Pils”. Binnen zitten er ongeveer tien mannen op leeftijd zeer luidruchtig te spektakelen. Het geloof is een loopgroep, wat dat ook mag betekenen..

Verder komen er vooral mensen met honden, ik geloof dat in het andere gedeelte van het café zes of zeven honden zitten. En allemaal in goede vrede, ze blaffen niet, ze zitten alleen naar elkaar te kijken.

We lopen verder en komen in een bos terecht. In het zonnetje is het lekker lopen. Dat zal wel anders zijn als de bladeren op de bomen zitten.

In Valkenswaard blijkt dat de route niet door het centrum loopt, waar ik eigenlijk de kerk wil bezoeken. We eten onze boterhammen op op een picknickbank. Maar we houden het net zoals gisteren niet lang vol, want we koelen toch snel af omdat we in de wind zitten, zelfs met twee jassen aan.

We lopen verder, eerst over een oud spoor wat nu een snelfietspad is geworden, er wordt dan ook veel gefietst, jong en oud, vlug en langzaam. We zijn blij dat we een bosweggetje in kunnen lopen, een stuk rustiger.

Na al het bos is het tijd om over weggetjes te lopen, die slingeren door het mooie landschap door kleine dorpjes. Zo komen we ook in Loon, een prachtig brinkdorp, waar een stuk grond ligt met bomen. We lezen dat dit vroeger de gemeenschappelijke grond is waar de boeren hun vee neerzetten. Omdat de koeien de groenten in de tuintjes opvraten, werden er heggetjes gepoot voor de huizen. Nu ziet het er nog precies zo uit. Het lijkt net of je in een openluchtmuseum rondloopt, prachtig!

We vervolgen onze weg en komen nog langs een watermolen. We steken de weg over en moeten warempel over een camping lopen, langs het riviertje de Dommel en dan door het bos weer richting Riethoven.

Op het eind verlopen we ons omdat de markering ontbreekt. Als we dan met hulp van een ANWB-paddenstoel verder lopen en toch weer markering tegenkomen gaat het fout.

We volgen de markering maar het blijkt een andere route te zijn: de Grenslandroute. Zo lopen we ongeveer drie kilometer verder dan de bedoeling. Moe, maar voldaan komen we om vier uur aan in Steensel. Daar haal ik nog een stempel bij Motel Steensel.

Zeven wandeldagen tot nu toe, morgen en overmorgen gaan we met openbaar vervoer en slapen we bij een Airbnb en Vrienden van de Fiets. Dan hopen we vrijdag in Den Bosch te zijn.

Pelgrimsmis in Roermond

Daar wilde ik altijd nog eens naar toe, naar Pelgrimsmis in de Sint Christoffel Kathedraal in Roermond. Ik was al eerder in de Kathedraal geweest, toen ik in 2014 onderweg was naar Reims, de route ging toen via thuis in Helden naar Roermond, en toen via Thorn naar Maaseik in België.

Elk jaar wordt er een mis gehouden voor mensen die van plan zijn naar Santiago de Compostela te pelgrimeren. Ook dit jaar zat de Kathedraal weer vol.

Ik was al op tijd opgestaan vanmorgen, niet veel geslapen want ik kwam uit de nachtdienst. Wandelkleren aangedaan, rugzak met schelp eraan klaargezet.

Om kwart over tien was ik in de Kathedraal, het was er al druk. Aan alle pelgrims werd gevraagd om hun naam en woonplaats op een kaartje te schrijven. Om 11.30 uur begon de Mis, eerst wordt dan door de deken en de Broederschap van H. Jacobus de Meerdere de reliek van de onderarm van Jacobus opgehaald in de Jacobus kapel. Het ritueel ziet er indrukwekkend uit, de deken met zijn gevolg in paarse gewaden, de leden van het Broederschap met zwarte capes en zwarte baretten op. Eentje heeft een soort Pelgrims staf bij zich. Ik moest gelijk aan Stoffel-1 denken. Die Vliegmaatschappij Vueling liet verdwijnen en waar ik nog maanden achteraan ben geweest… Maar helaas…

Het zijn allemaal rituelen, die gewaden, die baretten, die capes, die stok, die arm in een pot. Maar ik hou er wel van, dat maakt het allemaal wat aantrekkelijker vind ik. Die Protestanten hebben veel van die rituelen afgeschaft, jammer eigenlijk.

Na de Mis konden alle pelgrims naar voren komen, net of zonder rugzak en kreeg iedereen de zegen van de Deken, die trouwens ook Prior is van de Broederschap van H. Jacobus de Meerdere.

Ik heb niet geteld hoeveel pelgrims vooraan stonden in de kerk, maar het waren het er veel! Na de zegening kon ieder die dat wilde langs het relikwie lopen en het even vasthouden of wat je maar wilde. Ik ben er langsgelopen en heb het even met twee handen vastgehouden. Moest denken aan dat beeld van Jacobus in de Kathedraal van Santiago de Compostela. Waar je van achter aan komt lopen en die dan vasthouden kan. Dat was in 2015, ik voelde de schouders van Jacobus, nou vandag voelde ik zijn arm.

Meer zal het wel niet worden. Wel apart, zo’n ritueel. Ben wel benieuwd naar de echtheid van dit relekwie, het schijnt dat er in de Middeleeuwen een hele handel was van lichaamsdelen van Heiligen, Apostelen. Maar het idee, daar gaat het om.

Na de dienst werd iedereen uitgenodigd om nog koffie en vlaai te gebruiken in een café in de buurt.

Na de koffie was er dan gelegenheid om je paspoort te stempelen en nog wat na te praten. Ik heb gelijk alle paspoorten laten stempelen, die van mij en die van Ans. Van Santiago paspoort naar Camino aan het Wad-paspoort en ook het Chemin ‘d Assise-paspoort. We kunnen dit jaar nog alle kanten op!

Ik sprak nog met een paar pelgrims, onder andere met een meisje uit Den Bosch, die volgende week gaat vertrekken. Uit Den Bosch en dan via Vessem België in. Misschien komen we ze nog tegen, als wij deze week richting Den Bosch gaan. Want morgen gaan wij weer verder met onze Camino aan het Wad.

Toch blij en ook beetje ontroerd door deze Pelgrimsmis, ik ben een gezegend mens… Maar dat wist ik vantevoren ook al…..

Ben vooral ontroerd doordat er zoveel mensen onderweg zijn, het idee niet alleen te zijn is een mooie gedachte. Ieder op zijn eigen weg, op zijn eigen wijze, maar wel onderweg.

Ik heb wel weer zin in morgen!

Ooit was de aarde plat

ooitwasdeaardeplat

Ooit was de aarde plat je viel eraf
wanneer je tegendraads de rand zocht
en wars van hoge heren blind voor straf
een moeten vond in wat niet kon of mocht.

De hemel was toen hoog, je klom erin
als je je hoofd maar boog, je hand ophield,
geen dingen zei over een Nieuw Begin,
je kromde, bad en werkte, neergeknield.

Van aarde was de schotel, was het bord
dat uit jouw hand ontstond, waarvan je at
en dat je brak. De fabricant zijn naam

Stond aan de onderkant, jouw pseudoniem.
Uit leem en geest zijn wij, ook jij wist dat.
De mens heeft zich in kunst omhoog gestort.

Wiel Kusters

 

Dit gedicht zagen we toen we langs de Maas, net voorbij het Bonnefanten Museum liepen, op een muur.

 Het gedicht  is geplaatst op de zogenaamde Bordenhal, waar vroeger de “pottemennekes” van Maastricht o.a. keramiek vervaardigden in de aardewerkfabriek die er toen was. De inhoud van dit gedicht is een eerbetoon aan die “aardewerk-makers”. De Bordenhal staat op het terrein, dat vroeger fabrieksterrein is geweest voor de keramische industrie in Maastricht en leent haar naam aan een van de nieuwste stadswijken van Maastricht, de wijk “Ceramique”.

 

Bron:

https://straatpoezie.nl/

‘Straatpoëzie’:  Op deze website worden gedichten verzameld die te lezen zijn in de openbare ruimte van Nederland en Vlaanderen.