Het is allemaal geschiedenis

Nondeknetter, wat hebben wij heerlijk geslapen daar in dat tweepersoons bed op die gehuurde kamer bij “Sources de’ l Yonne”. We waren van plan om ”s avonds nog naar het dorpje Glux-en-Glenne te lopen. Maar we waren allebei helemaal kapot. Ik nog meer dan Ans, want ik zat er’ ‘s middags al wat door heen, kwam bijna de berg niet meer omhoog. Van Josje, die samen met haar man de Gite annex kleine camping beheerd hoorden we dat het restaurant nog gesloten was, toen hadden we helemaal geen zin meer. Josje zou wel twee pizza voor ons klaar maken. Na de douche, schone kleertjes en die pizza hadden we geen zin meer om weg te gaan. Lekker lui in dat heerlijke bed. Uitrusten, bijkomen… Nadat we nog thee hadden gedronken en ik een heel pak koekjes had opgegeten vielen we geloof ik om negen uur in slaap. Vanmorgen om zeven uur opgestaan, het ontbijt was om acht uur, dat hadden we met Josje afgesproken. Toen ik mijn spullen wilde pakken, bleek dat er ”s nachts een poes was binnengeslopen, die lekker tussen onze spullen was gaan liggen. Op een fleece dekentje! Het was een beetje een mislukt beestje, de oren stonden wat raar en hij of zij had plekjes op de neus. Maar wel heel lief, toen ik’ ‘m aaide sprong hij daarna zo bij ons op bed.. Toen we het Josje vertelde zei die dat dat niet de bedoeling was, de poes zou vlooien hebben. Nou, dan merken we het wel…. wij en de poes, die Remy bleek te heetten omdat hij helemaal in zijn eentje was komen aanlopen, vonden het heel gezellig. Toen Josje ‘m tijdens het ontbijt buiten zette omdat hij de worst die Ans pakte ook wilde eten, was hij heel beledigd en ging buiten in de vensterbank boos naar de hond staan kijken. Net of die het gedaan had.. In ieder geval, gezellig, leuke plek, lekker bed, lekker ontbijt. We kunnen er weer tegen. Na afscheid genomen re hebben, vertrokken we richting Glux-en-Glenne. Het regende, het was grijs weer. De hoezen om. De rugzakken en de regenjas aan. Wel een verschil met 14 of 15 jaar geleden, toen was er een hittegolf! We gingen het dorpje in, er was niet veel veranderd. Ja, er was nu naast de Mairie een Camperplaats gekomen en het grote statige huis van de Baron of zo was nog meer vervallen. Bij het huisje wat we toen huurden van Josje gluurde we even naar binnen. Van binnen was het geloof ik nog het zelfde. Een piepklein huisje. De buurvrouw van toen die woonde er niet meer vertelde Josje, die was toen al oud en nu al 96 jaar. Ze woonde nu bij haar dochter. Toen we daar op vakantie waren in Glux-en-Glenne maakten we altijd een praatje met haar ‘met handen en voeten’ als de Rijdende Bakker langskwam ”s morgenvroeg. We liepen verder en ik bezocht nog het openbare toilet bij het standbeeld van de Eerste Wereldoorlog en de Kerk. Toch fijn zo’n openbaar toilet: denk je: dan hoef ik niet in het bos te hurken achter een boom..Turks toilet noemen ze dat hier. We lieten ons geliefde dorpje achter ons, mijmerend over onze eigen gezinsgeschiedenis. Nu zijn de kinderen al uit huis en wonen op zichzelf, toen waren ze nog klein en wij een stuk jonger. Leuk om die herinneringen zo weer boven te halen. Vandaag wandelen we richting Saint-Léger-sous-Beuvray. We verlaten de GR-13 en het pelgrimspad naar Le-Puy-en-Velay, omdat we afdraaien naar Autun, waar een station is. Daar proberen we richting Vézelay te komen, misschien via Avallon en dat lopen of liften we terug naar de Camping waar onze auto staat.. Behoorlijk ingewikkeld, dat openbaar vervoer hier in La France. Ik denk dat je hier op het platteland niet veel kunt als je geen auto hebt. We lopen door, zien wel zo nu en dan een wit-rood kruis van de GR-13, maar negeren dat en lopen via de weg tot we bij een T-splitsing komen. Daar zien we Bibracte staan op een bordje, nog 2 km. Bibracte was een Gallische stad, die vroeger op de Mont Beuvray lag. Er worden al jaren opgravingen gen gedaan, toen wij op vakantie waren in Glux-en-Glenne sliepen in het huis naast ons veel archeologen. Voor archeologen moet Bibracte een uitdaging zijn, zoveel is er al opgegraven. Bibracte werd ooit aangevallen door de legers van Caesar. De stam die Bibracte verloor, besloot daarna samen te werken met andere Gallische stammen.. Ondanks deze samenwerking verloren ze toch uiteindelijk van de Romeinen. Behalve Gallische vondsten zijn er ook veel Romeinse zaken gevonden. Heel interessant allemaal, maar mijn lief en ik stonden nog op 13 september 2017 om half elf voor die berg. Het begon goed, Ans zei nog: “Zo, je gaat lekker…”. Ze had deze woorden nog niet uitgesproken of mijn adem stokte en mijn kuiten verzuurden en ik moest weer letterlijk op adem komen. De weg naar Bibracte ging werkelijk steil naar boven. Ik had er voorstellingen van dat Asterix en Obelix en hun kornuiten op dit pad de Romeinen de bosjes ingooiden. Flinke dosis toverdrank en dan maar gooien met die Romeinen. Ze rollen zo de berg af. Maar gelukkig ben ik geen Romein en klim ik op mijn manier naar boven, mijn lief is al bijna boven. Die heeft klimbenen, ik niet. Ik ben meer van afdalen en rechte lange stukken. Maar s. v. p. niet teveel graden helling, want dan is er sprake van instortingsgevaar bij mij, dan krijg ik geen adem meer. We komen boven en zien een archeologische site, waar men een soort dak over heeft gemaakt. We zien wat mannetjes bezig. Het blijken geen archeologen te zijn, maar metselaars. Zij metselen de opgegraven fundamenten, zodat die goed bewaard blijven. Soms wordt er voor gekozen om de boel op te graven, alles te documenteren en dan de boel weer te met aarde te bedekken. Conserveren noemen ze dat. Hoe ze dat metselen noemen weet ik niet: restaureren? De opgraving blijkt een Franciscaner klooster geweest te zijn, je ziet de contouren van een klooster met een kapel. Voordat we aan de koffie gaan in het Museum wat aan de andere kant van de Mont Beuvray beneden ligt, gaan we nog naar het hoogste punt van de berg. Daar waren we jaren geleden met mijn schoonouders, genietend van een prachtig uitzicht, je kon zelfs Autun en ik geloof zelfs Beane zien liggen. Nou, we hebben pech: vandaag zien we alleen mist en regen! Op een bord staat aangegeven waar in de verte allerlei plaatsen te zien zijn. Wij zittente staren in de mist….

Verderop staat een tent, waar wij even uitrusten en schuilen. We zijn zelfs nat geworden onder de regenjassen. Zweet en regen, een plakkerige combinatie…. Nadat we wat gegeten hebben en wat opgedroogd zijn wandelen we naar beneden. Ook twee kilometer. We lopen langs de archeologische sites en komen nog langs een reconstructie van een verdedigingsmuur. In het super-moderne museum is een ruimte waar je koffie uit een automaat kan kopen en ook wat lekkers. Dit doen we, ondertussen kunnen we mooi wat opdrogen, want de kachel staat er aan.

De rest van het verhaal stuur ik straks, want het is nogal langdradig, dat heb je met geschiedenis, dat was vroeger op school ook al zo. U hoort van ons, vandaag nog, eerst weer de tegenwoordige tijd weer in, want de maag knort…..

Advertisements

One thought on “Het is allemaal geschiedenis

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s