Weer op het pelgrimspad

Vandaag las ik dat dit pad na Le Puy-en-Velay “Le Chemin du Puy” heet. Ik ben er nog niet achter hoe deze verbindingsweg van Vézelay naar Le Puy wordt genoemd.

We zijn ondertussen al twee dagen “on the road again”… Vrijdagmorgen vertrokken we vroeg uit Vézelay. De tent afgebroken, het kapotte luchtbed weggegooid in de container, spullen uitgezocht wat meeging in de rugzak en gigantisch ontbeten. Want we blijven wel Hollanders hé! Niks weggooien, alles moet op! Dus alles wat niet mee kon in de rugzak hebben we eerst opgegeten. Yoghurt met muesli, fruit. Ik geloof dat ik een halve emmer Griekse yoghurt achter de kiezen had toen we vertrokken.

Want de auto met de rest van de kampeerspullen blijft in Vézelay bij de camping staan. We kwamen er achter dat je tegenwoordig in Vézelay moet betalen om te parkeren. Dus hebben we het geel autootje maar voor de camping neergezet.

Volgegeten zetten we daar de rugzakken op. Het voelde al wat raar, in juli hadden we die voor het laatst gebruikt toen we wandelden in Normandië. Eerst in Ierland en toen het daar maar bleef regenen in La France.

Nu dus onderweg naar Le Puy-en-Velay, door onze geliefde Morvan. Allebei met een Credential, ik als Pylger en mijn lief meer als GR-wandelaar. Ieder zijn ding! Ik verheug me er erg op om samen met mijn lief het Pelgrimspad op te gaan. Haar dingen te laten zien op Le Chemin. Misschien andere pelgrims te ontmoeten. En haar ook de gastvrijheid van de Fransen te laten ervaren. Want dat is wat me vooral is bijgebleven van die monstertocht in 2014 en helemaal in 2015: de warmte, de gastvrijheid van de Fransen. Je hoeft maar ‘pelegrin’ te zeggen of alles wordt uit de kast gehaald. Ik heb me in 2015 heel vaak verwend gevoeld: ik kreeg zo lekker eten en drinken, een heerlijk bedje en voelde zoveel warmte, dat ik het echt niet meer vergeet. De taal was vaak een barrière: maar ik zag dat er velen waren die hun best deden om toch te communiceren. Met woordenboek of met Google-Translate kom je echt een heel end. En met handen en voeten kun je ook dingen uitleggen: dat is internationaal!

Maar ik wil verder. Om ongeveer kwart over acht stonden we bij de Boulanger in Vézelay. Brood voor onderweg. Beleg hadden we nog.

Bij het kruispunt twijfelden we even. Daar stonden bordjes van de route over Nevers of die over Bourges. Het leek me logisch om die over Nevers te volgen. Later zou er wel een afslag richting Le Puy komen.

We liepen richting Saint Pére en zagen Vézelay boven ons liggen. Prachtig, de contouren van die oude stad bovenop die berg, de Basiliek van Madeleine stevent overal bovenuit.

Via Pierre-Perthuis ging het door de bossen en klimmend en dalend richting Saint-André-en-Morvan. Daar moest vanzelf een foto gemaakt worden van deze Dré of Dries of Andries. Zo maakten mijn Pelgrims vriendin Andrea uit België en ik ook in 2015 een foto bij een plaatsje wat ook de naam had van Saint-André.

Het was een zware tocht vrijdag, door al dat geklim en geklauter. Vooral omdat het vaak door waterlopen ging, steil omhoog of omlaag met veel stenen en keien erin. Niet prettig lopen met de rugzak op. We waren dan ook blij dat we in de buurt waren van Chastelux-sur-Cure, waar we gereserveerd hadden bij Refugio Bahai. Dat ging gemakkelijk, want de eigenaars zijn Nederlanders. Vlak na de Mairie zagen we na een bocht al een bordje staan met de Refugio erop.

Het was ondertussen een uur of vier.

Allebei flink stijf, het lopen ging niet gemakkelijk meer. Maar we hadden er al zo’n 24 km opzitten, lopend, klauterend, klimmend en dalend over die rare paden van de GR-13.

Ans had last van haar knie, ik van mijn hak. Allebei blessures, die opspelen na veel kilometers. We waren blij dat we bijna daar waren.

We zagen bij het volgend gehucht, La-Rue-Perrin geen bordjes meer en gingen bij een muurtje eens om ons heen kijken. “Zullen we bellen?”, toen ik ineens op het hek naast me de Jacobschelp en de “T” van de Pelgrimsweg naar Assisi zag staan.

“Hier moet het zijn!” Toen we riepen kwam Paul al naar buiten. Hij leidde ons rond, het bleek dat we een eigen appartementje hadden met alles er- op-en-eraan. ”s Avonds om zeven uur konden we met hen samen eten. (Paul en Hanneke).

We konden lekker douchen, de kleren uitwassen, ons wat opfrissen, de was ophangen buiten. Ook de tent werd uitgehangen, want die was vanmorgen nat de rugzak ingegaan.

Lekker opgefrist en weer wat uitgerust gingen we om zeven uur aan tafel bij Paul en Hanneke, superlieve mensen, die heerlijk gekookt hadden: groentensoep en pasta met spinazie en kip. IJs en koffie na, het was echt heerlijk. Ze vertelden dat ze alleen pelgrims onderdak boden, ook omdat ze zelf ook hadden gepelgrimeerd. Pelgrims naar Santiago-de-Compostela en Pelgrims naar Assisi.

Hier waren ze zelf nog van plan om nog naar toe te gaan wandelen. Mooi, zo’n idee van zo’n Refugio. En voor het geld deden ze het niet, ze telden, € 25 per persoon. Dit geld ging in een potje, ik denk voor hun eigen Pelgrim reis…

Nadat we nog wat met de telefoontjes gespeeld hadden, gingen we moe maar zeer tevreden naar de lekkere bedjes. We sliepen allebei weer als roosjes. Hanneke had het ontbijt al klaargezet, we konden ”s morgens zo vertrekken. Zelf een lunchpakketje kon meegenomen worden. Echt een aanrader! Pracht plek, prachtige mensen. Over de dag van vandaag schrijf ik morgen, anders wordt het wel een heel lang verhaal.

Advertisements

One thought on “Weer op het pelgrimspad

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s